Hoewel de Celestron Travelscope 70 veel voordelen heeft, zijn er ook duidelijke beperkingen die relevant zijn voor serieuze amateurastronomen. Met een 70 mm aperture is de lichtverzamelende capaciteit vrij beperkt; zwakke deep-sky objecten worden daardoor niet zo goed zichtbaar als bij grotere telescopen. Dit betekent dat je veel detail in nevels, zwakke sterrenstelsels en diffusiegebieden zult missen, zeker vanaf locaties met matige lichtvervuiling. De korte brandpuntsafstand (400 mm) zorgt voor een breed gezichtsveld, maar beperkt ook de maximale bruikbare vergroting: vergrotingen boven de 100x zullen vaak onscherp en onsamenhangend zijn.
Als refractor met betaalbare lenzen kan de Travelscope ook last hebben van enige chromatische aberratie bij heldere, contrastrijke objecten zoals de maan of Jupiter—je ziet dan een lichte kleurfranje langs randen. Voor planeetliefhebbers die hoge resolutie en detail verwachten is dit toestel dus niet de beste keuze. Daarnaast is het aluminium statief voor lichtgewicht reizen prima, maar het biedt niet de absolute stabiliteit van zwaardere, professionelere statieven; bij wind of op oneffen terrein merk je trillingen eerder.
Tot slot: de meegeleverde oculairs en het 5x24 finderscope zijn degelijk voor beginners, maar gebruikers die willen groeien zullen snel extra accessoires willen aanschaffen, zoals een betere finderscope, filters of hogere kwaliteit oculairs en mogelijk een Barlow-lens. Voor wie maximale optische prestaties en grotere vergrotingen zoekt, is een groter instrument of een reflector/ED-refractor een betere investering.